|

Drunen is een sculptuur van 40 meter rijker, zo kopte de Langstraateditie van het BD op dinsdag 7 december. Het fotobijschrift legde uit dat beeldend kunstenaar André van de Wijdeven uit Den Haag de eer was gegund om een kunstwerk te leveren ter afronding van de nieuwe wijk Venne West III. In Nederland kennen we immers de afspraak dat een bepaald percentage van de totale kosten van een bouwproject aan kunst moet worden besteed. En dat zal in Drunen niet anders zijn. Het 40 meter lange gevaarte heeft een plek gekregen tussen de vijver waaraan momenteel de Watertorens worden gebouwd en het fietspad langs de Laan van Tasmanië. Toen ik de lelijke, bijna paginagrote foto van het bedoelde kunstwerk zag, dacht ik dat het in Drunen flink gesneeuwd had en men snel het fietspad sneeuwvrij had gemaakt, maar toen had ik mijn bril nog niet op. Nadere beschouwing riep tal van vragen op. Allereerst de kop: sculptuur van 40 meter. Dat het ding 40 meter lang zal zijn, geloof ik graag, maar `sculptuur’? Volgens mijn woordenboek is sculptuur een fraai woord voor een gebeeldhouwd kunstwerk, voor beeldhouwwerk. En hier gaat het toch echt om een verzameling witte aluminium platen in de vorm van afgeronde driehoeken, die soms aan hun langste zijde zo ver inzakken, dat ze aan boomerangs doen denken. In die zin vind ik dat wel bij Tasmanië passen, maar dat terzijde. Nou ja, veel beeldend kunstenaars rekenen al het ruimtelijke werk onder sculptuur, dus wat zal ik hier dan moeilijk doen?
De kunstenaar heeft zich bij het ontwerp laten inspireren door de kleine bronnen die in dit gebied opwellen en het slagenlandschap, maar ook door de gescheiden waterhuishouding in Venne West III, legt het bijbehorende artikeltje uit. Omgevingskunst dus. Maar de BD-journalist citeert de kunstenaar met: `Toegepaste kunst’. Zou Van de Wijdeven dat echt zo gezegd hebben, of heeft de journalist hem toch niet helemaal begrepen? Want van toegepaste kunst spreekt men gewoonlijk bij alle vormen van artistieke vormgeving die niet op zichzelf staan, maar gebonden zijn aan de functie van het voorwerp. Dit houdt in dat dit kunstwerk dus ook een gebruiksfunctie heeft. Maar welke dan? Die van vangrail? Van fietsenstalling? Van bodembedekker? Nee hoor, het is gewoon een lekker dwaas kunstwerk, een van de langste van Nederland. En het mocht wat kosten, dus laat die Van de Wijdeven maar lekker een lange neus trekken. Gescheiden waterhuishouding? Ach wat, het geld is door het riool en alle opsmuk en bombarie kunnen wat mij betreft zo in de naastliggende vijver gekieperd worden.
15-12-2010 (c) Tekst: René van der Drift / Foto: Ad van Kessel
|